Denc Studio architecten -en studiebureau

 19.11.2015  |  CADIXA5

 

PANDSGEWIJZE GELEDING

Inzake volumetrie werd de ontwikkelingslogica van de stad gevolgd. Het bouwblok werd opgedeeld in diverse panden, die qua schaal refereren naar “stedelijke pakhuizen”.
Door de voorgevels statig op de rooilijn te positioneren en door openingen/onderbrekingen/in-en-uit-gangen te beperken, werkt het gesloten karakter van het bouwblok als geheel voor de wijk structurerend.
Omdat ondergrondse delen behoorlijk duur zijn, werd een efficiënte bouwput nagestreefd. Vanuit kostentechnisch oogpunt spruit de structurele rationalisering van de bebouwing dan ook voort uit de parkeerorganisatie.

Er werd een schakeling van verwante gebouwen nagestreefd, met toch een eigen identiteit. Zonder elkaar af te troeven, profileren de panden zich zelfzeker, “als zelfstandige pakhuizen” dus.
Bij het ene bouwblok werden de niveaus in de gevel duidelijk gearticuleerd in horizontale belijningen. Andere gevels zijn dan weer “egaler”, waardoor enkel de gevelopeningen een indicatie geven van de diverse niveaus.

De beoordelingscommissie was enthousiast over de collectieve beleving als belangrijke rode draad doorheen de verschillende lagen van het ontwerp. De collectiviteit vertaalde zich in ruimtelijke organisatie en programmering.
De vormgeving van de plint werd afgestemd op het achterliggende programma: van wonen tot werken tot bouwblok- en buurt ondersteunende functies. De grote variatie in functies resulteerde in een telkens andere architecturale expressie van de plint per pand.
Door de “dansende kroonlijsthoogtes” kregen zowel de aanliggende straten als het binnengebied een betere bezonning en speelsere beleving. Ook de bekroningen tonen een afgewogen diversiteit in plantypologie, vormgeving, materiaalkeuze, transparantie,…

STEDELIJKE CONTEXT

De zuidelijke afbakening van het bouwveld A5, maakt dat de kop van het bouwblok in de zichtas komt te liggen van de Amsterdamstraat/Londenbrug.
Gezien de context hier vraagt om een meer prominente oplossing, werd de hoek hoger opgetrokken.
Door dit evenwel niet te doen over de gehele breedte van het pand ontstaat een boeiende gelaagdheid.
Gezien elke passant zo een glimp van het binnengebied kan zien, krijgen ook de “binnen”-gevels een hogere status en belevingswaarde. We zien deze dan ook niet als “achtergevels”, maar als volwaardige façades.
De perforatie “op hoogte” respecteert de afleesbaarheid van de plint, alsook de privacy van de bewoners.
De specifieke ligging van de zuidelijke kop, maakt hem op de onderste bouwlagen minder (tot niet) geschikt voor wonen. Een buurtsupermarkt leek ons hier op zijn plaats.

 

LEVENDIG BINNENGEBIED

De pandsgewijze opbouw werd niet enkel vertaald in wisselende kroonlijsthoogtes en gevelarticulaties. Door ook te spelen met de diepte der panden, ontstaat een gedifferentieerd en dynamisch binnengebied op menselijke schaal.
We zien het binnengebied niet als een “lineaire grootschalige balk”, maar eerder “gevarieerd” met verschillende deelzones en hoeken.
Op deze manier krijgen de panden ook langs het binnengebied meer zelfstandigheid.
Het lager gelegen binnengebied wordt grotendeels begroend. Het niveauverschil tussen openbaar domein en binnengebied laat een voldoende dik dakpakket toe, teneinde een tuin van het “intensieve type” te kunnen aanleggen. 

AND THE WINNER IS...

Uit 17 inschrijvers strandde ons team (ontwikkelaar RE-VIVE en ontwerpers DENC!-STUDIO | CAAN | AREAL) op een verdienstelijke podiumplaats.

Het bod van concurrerend ontwikkelaar CIPnv bedroeg met 18M€ méér dan het dubbele van het door de verkoper gevraagde minimum-bod van 7.8M€. Dit werd door de beoordelingscommissie dermate “uitzonderlijk gunstig beschouwd” dat het maximum van de punten (100/100) werd toebedeeld.